
Haaien eten vis, inktvis en andere zeedieren. Om te kunnen jagen, moeten ze goed zien en ruiken. Als een dier gewond is, ruikt de haai het bloed. Sommige haaien kunnen ook voor mensen gevaarlijk zijn. Haaien hebben een indrukwekkend gebit. In de boven- en onderkaak staan de vlijmscherpe tanden rechtop. Achter elke tand ligt een rijtje nieuwe tanden. Als er een is uitgevallen, neemt de tand erachter de lege plaats in. Laat die tand na een tijdje weer los, dan is de volgende in de rij aan de beurt. Haaien wisselen hun leven lang hun tanden.